Foto:

Betere toegang schuldhulpverlening

Gemeente werkt aan beleidskaders

Janos van der Spoel.

BARENDRECHT - De commissie samenleving werd onlangs bijgepraat over de bijstandsgerechtigden, schuldhulpverlening en werkervaringsplekken. Een presentatie zette de diverse aspecten en de kosten die gemoeid zijn met de wettelijke kaders uiteen.

Voor de uitvoering van het beleid rondom minima heeft de gemeente te maken met een drietal wetten: de participatiewet, gemeentewet en de algemene wet bestuursrecht. Als het gaat om de schuldhulpverlening aan burgers komen daar onder meer de wet schuldsanering natuurlijke personen en wet gemeentelijke schuldhulpverlening aan te pas. De gemeente werkt dit jaar nog met de beleidskaders 2016-2019 en kijkt naar het vormgeven van nieuw beleid. 'Er worden maatwerkvoorzieningen geleverd waar nodig. Er is een voorzieningenpakket zodat iedereen mee kan doen. Maar ook de vraag wat kan je zelf en waar heb je hulp bij nodig komt aan bod. Het huidige beleid gaat verder er van uit dat kinderen voor gaan en dat zij volwaardig mee kunnen doen. Voor wat betreft de schuldhulpverlening wordt ingezet op preventie en vroegsignalering. Dit om problematische schulden te voorkomen', verduidelijkt de gemeente in haar presentatie.

Uit de cijfers blijkt dat voor bijzonder bijstand in 2018 een bedrag van 533.400 euro werd begroot maar dat er uiteindelijk 524.724 euro werd uitgegeven. De kosten aan sociale uitkeringen in natura bedroegen 7.389 euro (daarvoor was geen bedrag ingecalculeerd) en de kosten voor meedoen vielen hoger uit dan begroot 261.699 euro in plaats van de berekende 222.400 euro. De kosten voor 'meedoen' komen onder meer voort uit het kindpakket goed voor 175.030 euro, het volwassenenpakket 74.275 euro, kosten voor zwemlessen en schoolkosten. De gemeente gaf ook cijfers omtrent het aantal nieuwe aanmeldingen voor schuldhulpverlening. 'In 2017 waren dat er 69 in 2018 129. Het aantal dossiers met crisisinterventie bevatte in 2017 en 2018 beide jaren acht dossiers. 'We zetten in op een betere toegang tot schuldhulpverlening. Inzake de armoedebestrijding is hulp bieden aan het gehele gezin van belang. Maar ook specifieke aandacht voor werkende armen, kleine zelfstandigen en chronisch zieken. Verder moet werken lonen', aldus de gemeente.

Suzanne Kok van de PvdA wilde van het college weten hoe een aantal zaken geregeld zijn rondom trajecten waarbij bijstandsgerechtigden een werkleerervaringstraject hebben gekregen. Kok, 'het is ons ter oren gekomen dat een bijstandsgerechtigde in geval van een werkleerervaringsplek dan wel participatie op de arbeidsmarkt geen toestemming krijgt van de klantmanager om dit traject te vervolgen. Wat is de achterliggende reden?'. De gemeente laat Kok weten dat zij een werkstage of werkervaringsplaats ziet als onderdeel van een re-integratietraject. Een instrument dat iemand weer naar de arbeidsmarkt moet leiden. 'Het opdoen van specifieke werkervaring, wennen aan gezag, op tijd komen, werkritme en samenwerken met collega's. Zodra de volgende stap in het re-integratietraject kan worden gezet of als blijkt dat deze stap niet het gewenste leereffect heeft wordt dit trajectonderdeel beëindigd', benadrukt de gemeente. De duur van dergelijke trajecten varieert van drie maanden tot een jaar. De overeenkomst wordt gesloten door de klant en de organisatie waar deze werkzaam zal zijn.

Meer berichten